La Targette

In het gehucht La Targette bij de Franse gemeente Neuville-Saint-Vaast (departement Pas-de-Calais) liggen 2 begraafplaatsen naast elkaar. De Nécropole nationale de la Targette is een Franse militaire begraafplaats. La Targette British Cemetery is een Engelse militaire begraafplaats.

La Targette.

Foto Sjef Dirks.

De Nécropole nationale de la Targette ligt 1,1 km ten zuidwesten van het centrum. Ze heeft een nagenoeg vierkantig grondplan met een oppervlakte van 44525 m2.
Er worden 12210 doden herdacht waarvan er 3882 in drie massagraven begraven liggen.

La Targette.

Foto Sjef Dirks.

In mei 1915 start het Franse leger een offensief tegen de Duitse troepen die zich in de heuvels van de Artois hebben ingegraven. Daarbij is de verovering van de heuvelrug van Vimy het einddoel. Eerst moet men daarvoor Neuville innemen maar het dorp is zwaar versterkt en de strijd eist dan ook een zware tol aan mensenlevens. Het duurt tot half juni 1915 vooraleer het dorp is veroverd. Er vallen duizenden Franse doden waarvan de meeste hier begraven liggen.
De begraafplaats werd in 1919 aangelegd om de gesneuvelden die verspreid lagen rond Neuville te begraven.
Er liggen 8159 geïdentificeerde Franse doden en 3882 doden – waaronder 169 Belgische militairen - in drie massagraven.
Er liggen ook 767 Franse slachtoffers (waaronder 225 niet geïdentificeerde) uit de Tweede Wereldoorlog begraven.

La Targette.

Foto Sjef Dirks.

La Targette British Cemetery werd ontworpen door Reginald Blomfield. Het terrein heeft een min of meer rechthoekige vorm met een oppervlakte van 2852 m2 en is achteraan begrensd door een natuurstenen muur. De zijkanten zijn met een haag afgebakend. Aan de voorzijde staat het Cross of Sacrifice op het niveau van de straat met aan weerszijden een toegangshek. De graven liggen op een lager niveau. Achteraan staat de Stone of Remembrance centraal op en hoger terras en geflankeerd door twee schuilgebouwtjes. Er liggen 641 doden begraven
De begraafplaats, die aanvankelijk Aux-Rietz Military Cemetery werd genoemd, werd in april 1917 door gevechtseenheden en veldhospitalen gestart en tot september 1918 gebruikt. Bijna een derde van de slachtoffers waren leden van artillerieregimenten van de 2nd Canadian en 5th Divisions die hun hoofdkwartieren in een diepe kelder in Aux-Rietz (een gehucht in de gemeente) hadden ingericht. Zij sneuvelden tijdens de Slag bij Arras. Na de wapenstilstand werden nog 16 veldgraven uit de onmiddellijke omgeving naar hier overgebracht. Er rusten hier ook nog 3 Britten (waaronder 2 niet geïdentificeerde) uit de Tweede Wereldoorlog.
Nu liggen er 338 Britten, 297 Canadezen, 3 Zuid-Afrikanen en 3 Indiërs begraven.