Marne en omgeving 1

Het lukt het Duitse leger niet om het Schlieffenplan goed uit te voeren. Bij de slag aan de Belgische en Franse grens worden de Britten bij Mons teruggeslagen. Maar het Duitse leger trekt niet door naar Parijs. Het buigt af in oostelijke richting en geeft daardoor de flank bloot. Onmiddellijk stuurt men er Franse troepen naar toe, die onder meer met taxi's vanuit Parijs worden aangevoerd. Opperbevelhebben Joffre van het Franse leger gaat tot de tegenaanval over. Op 5 september 1914 begint de slag aan de Marne, die ruim een week zal duren. De Duitsers worden tot staan gebracht en de legers van de Duitse keizer moeten zich op verschillende plaatsen terugtrekken.
Het Franse leger zet de aanval door, maar de Duitsers weten zich in te graven ten noorden van de rivier de Aisne, wat het begin van de vier jaar durende loopgravenoorlog betekende. Tijdens de slag vochten er ruim 2,5 miljoen soldaten, waarvan er ongeveer een half miljoen sneuvelden.